| Werkzame personen | Schilders- en glaszetbedrijven | Vloer- en wandafwerkingsbedrijven | Aandeel eerste branche |
|---|---|---|---|
| 1 persoon | 13.085 | 9.690 | 83% |
| 2 personen | 1.290 | 1.090 | 8,2% |
| 3–4 personen | 600 | 355 | 3,8% |
| 5–9 personen | 440 | 205 | 2,8% |
| 10–19 personen | 210 | 95 | 1,3% |
| 20–49 personen | 115 | 35 | 0,7% |
| 50–99 personen | 20 | 10 | 0,1% |
| 100+ personen | 10 | 0 | 0,1% |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Hoe herkenbaar is een kleine ploeg in schilders- en glaszetbedrijven?
Van de 15.770 bedrijven vielen er 1.290 in de groep met twee personen en 600 in die met drie of vier. Samen geeft dat ongeveer 12% van de bedrijventelling. Voor vloer- en wandafwerkingsbedrijven komt dezelfde optelling op 1.445 van de 11.485 uit, of 12,6%. Het verschil vertelt je in welke groep een kleine ploeg vaker voorkomt. Je hebt nog een afzonderlijk rooster nodig om te weten hoeveel mensen op hetzelfde moment aan een opgeleverde opdracht werken.
Neem dezelfde bedrijfsgrootte mee naar de tweede afspraak
De twee grootste categorieën binnen schilders- en glaszetbedrijven waren bedrijven met één werkzame persoon en met twee werkzame personen. Hun aantallen waren 13.085 en 1.290. Bij vloer- en wandafwerkingsbedrijven stond één werkzame persoon bovenaan met 9.690 bedrijven. Wil je weten of een aanpak overdraagbaar is, vraag dan om een gesprek met iemand die een vergelijkbaar aantal werkplekken draagt. Laat de ander opnemen, uitvoeren en opleveren langs één opdracht uitleggen en bepaal wie voor een tweede bezoek aan dezelfde klant bereikbaar blijft.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij schilders- en glaszetbedrijven?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘aandeel van bedrijven met twee tot en met vier werkzame personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 43 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van timmerbedrijven (bouw) (8,2%), het hoogste voor loodgieters en installatiebedrijven (13,3%). Bij 3 van de onderzochte activiteiten ligt de waarde lager dan 12% en bij 2 hoger. Met 12,6% komt vloer- en wandafwerkingsbedrijven het meest in de buurt van schilders- en glaszetbedrijven. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij loodgieters en installatiebedrijven met 18.770 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is vloer- en wandafwerkingsbedrijven met 12,6% de nadere vergelijking.
Wat veranderde er tussen januari 2022 en januari 2024?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 4334 tussen januari 2022 en januari 2024. De uitkomst ging van 13,2% naar 11,9%. Over 2 jaar is het verschil -1,3 procentpunt, of gemiddeld -0,7 procentpunt per jaar. Bij vloer- en wandafwerkingsbedrijven ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 13,6% naar 12,6%. De verandering van het totaal tussen oktober 2025 en oktober 2026 bedroeg -60 bedrijven. De telling van bedrijven met twee tot en met vier personen verschoof tegelijkertijd met -15. Daardoor veranderde de gekozen maatstaf van 12% naar 12%.
Wanneer schilders- en glaszetbedrijven zelf weinig referenties van passende omvang oplevert, is vloer- en wandafwerkingsbedrijven een tweede richting om te onderzoeken. Beschrijf tegenover de adviseur het concrete werk aan een opgeleverde opdracht. Een begroting die is ontleend aan vloer- en wandafwerkingsbedrijven verdient vooral uitleg over de omvang van de ploeg, de beschikbaarheid tijdens een tweede bezoek aan dezelfde klant en de uren die de eigenaar zelf maakt.


