| Werkzame personen | Verhuur van overige goederen | Verhuur van bouwmachines | Aandeel eerste branche |
|---|---|---|---|
| 1 persoon | 1.900 | 660 | 75% |
| 2 personen | 300 | 140 | 11,8% |
| 3–4 personen | 110 | 55 | 4,3% |
| 5–9 personen | 95 | 65 | 3,7% |
| 10–19 personen | 60 | 30 | 2,4% |
| 20–49 personen | 30 | 20 | 1,2% |
| 50–99 personen | 20 | 10 | 0,8% |
| 100+ personen | 15 | 10 | 0,6% |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Hoe herkenbaar is een kleine ploeg in verhuur van overige goederen?
Van de 2.535 bedrijven vielen er 300 in de groep met twee personen en 110 in die met drie of vier. Samen geeft dat ongeveer 16,2% van de bedrijventelling. Voor verhuur van bouwmachines komt dezelfde optelling op 195 van de 990 uit, of 19,7%. Het verschil vertelt je in welke groep een kleine ploeg vaker voorkomt. Je hebt nog een afzonderlijk rooster nodig om te weten hoeveel mensen op hetzelfde moment aan een afgeronde verhuur werken.
Neem dezelfde bedrijfsgrootte mee naar de tweede afspraak
De twee grootste categorieën binnen verhuur van overige goederen waren bedrijven met één werkzame persoon en met twee werkzame personen. Hun aantallen waren 1.900 en 300. Bij verhuur van bouwmachines stond één werkzame persoon bovenaan met 660 bedrijven. Wil je weten of een aanpak overdraagbaar is, vraag dan om een gesprek met iemand die een vergelijkbaar aantal werkplekken draagt. Laat de ander reserveren, uitgeven en bij inname controleren langs één opdracht uitleggen en bepaal wie voor beschadiging bij teruggave bereikbaar blijft.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij verhuur van overige goederen?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘aandeel van bedrijven met twee tot en met vier werkzame personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 77 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van verhuur van overige goederen (16,2%), het hoogste voor verhuur overige consumentenwaren (24,5%). Van de 5 vergelijkingsbranches komt geen onder 16,2%. Zelfs verhuur van landbouwmachines ligt met 18,5% op of boven het meetpunt voor verhuur van overige goederen. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij verhuur overige consumentenwaren met 2.345 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is verhuur van landbouwmachines met 18,5% de nadere vergelijking.
Wat veranderde er tussen januari 2020 en januari 2022?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 77399 tussen januari 2020 en januari 2022. De uitkomst ging van 18,5% naar 17,2%. Over 2 jaar is het verschil -1,3 procentpunt, of gemiddeld -0,7 procentpunt per jaar. Bij verhuur van bouwmachines ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 18,5% naar 19,6%. De verandering van het totaal tussen oktober 2025 en oktober 2026 bedroeg +145 bedrijven. De telling van bedrijven met twee tot en met vier personen verschoof tegelijkertijd met +10. Daardoor veranderde de gekozen maatstaf van 16,7% naar 16,2%.
Wanneer verhuur van overige goederen zelf weinig referenties van passende omvang oplevert, is verhuur van landbouwmachines een tweede richting om te onderzoeken. Beschrijf tegenover de adviseur het concrete werk aan een afgeronde verhuur. Een begroting die is ontleend aan verhuur van bouwmachines verdient vooral uitleg over de omvang van de ploeg, de beschikbaarheid tijdens beschadiging bij teruggave en de uren die de eigenaar zelf maakt.




