| Werkzame personen | Winkels in bovenkleding algemeen | Winkels overige artikelen (rest) | Aandeel eerste branche |
|---|---|---|---|
| 1 persoon | 900 | 1.470 | 42,4% |
| 2 personen | 445 | 450 | 20,9% |
| 3–4 personen | 380 | 225 | 17,9% |
| 5–9 personen | 190 | 115 | 8,9% |
| 10–19 personen | 95 | 30 | 4,5% |
| 20–49 personen | 70 | 15 | 3,3% |
| 50–99 personen | 15 | 5 | 0,7% |
| 100+ personen | 30 | 0 | 1,4% |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Hoe herkenbaar is een kleine ploeg in winkels in bovenkleding algemeen?
Van de 2.125 bedrijven vielen er 445 in de groep met twee personen en 380 in die met drie of vier. Samen geeft dat ongeveer 38,8% van de bedrijventelling. Voor winkels overige artikelen (rest) komt dezelfde optelling op 675 van de 2.310 uit, of 29,2%. Het verschil vertelt je in welke groep een kleine ploeg vaker voorkomt. Je hebt nog een afzonderlijk rooster nodig om te weten hoeveel mensen op hetzelfde moment aan een betaalde bestelling werken.
Neem dezelfde bedrijfsgrootte mee naar de tweede afspraak
De twee grootste categorieën binnen winkels in bovenkleding algemeen waren bedrijven met één werkzame persoon en met twee werkzame personen. Hun aantallen waren 900 en 445. Bij winkels overige artikelen (rest) stond één werkzame persoon bovenaan met 1.470 bedrijven. Wil je weten of een aanpak overdraagbaar is, vraag dan om een gesprek met iemand die een vergelijkbaar aantal werkplekken draagt. Laat de ander inkopen, adviseren en overdragen langs één opdracht uitleggen en bepaal wie voor een artikel dat retour komt bereikbaar blijft.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij winkels in bovenkleding algemeen?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘aandeel van bedrijven met twee tot en met vier werkzame personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 47 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van winkels overige artikelen (rest) (29,2%), het hoogste voor winkels in bovenkleding algemeen (38,8%). Winkels in bovenkleding algemeen ligt met 38,8% aan de bovenkant van deze vergelijking. De meest nabije uitkomst is 37,1% bij winkels in dameskleding. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij winkels overige artikelen (rest) met 2.310 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is winkels in dameskleding met 37,1% de nadere vergelijking.
Wat veranderde er tussen januari 2024 en januari 2025?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 47713 tussen januari 2024 en januari 2025. De uitkomst ging van 37,6% naar 39%. Over één jaar is het verschil +1,4 procentpunt, of gemiddeld +1,4 procentpunt per jaar. Bij winkels overige artikelen (rest) ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 29,9% naar 29,7%. De verandering van het totaal tussen oktober 2025 en oktober 2026 bedroeg -215 bedrijven. De telling van bedrijven met twee tot en met vier personen verschoof tegelijkertijd met -95. Daardoor veranderde de gekozen maatstaf van 39,3% naar 38,8%.
Wanneer winkels in bovenkleding algemeen zelf weinig referenties van passende omvang oplevert, is winkels in dameskleding een tweede richting om te onderzoeken. Beschrijf tegenover de adviseur het concrete werk aan een betaalde bestelling. Een begroting die is ontleend aan winkels overige artikelen (rest) verdient vooral uitleg over de omvang van de ploeg, de beschikbaarheid tijdens een artikel dat retour komt en de uren die de eigenaar zelf maakt.




